Notities uit de transitie: de gezichten van trauma

Deze zomer schrijft hoofddocent, auteur en onderzoeker Shinta Oosterwaal wekelijks over de systemen waarin we leven, de verhalen die we vanzelfsprekend zijn gaan vinden en de kantelpunten die vragen om een ander perspectief.
Twee mensen die over een grote scheur in een betonnen vloer lopen
05 July 2026
Nieuws
No items found.

“Trauma in een persoon, over tijd gedecontextualiseerd, kan eruitzien als persoonlijkheid. Trauma in een familie, over tijd gedecontextualiseerd, kan eruitzien als familietrekken. Trauma in een volk, over tijd gedecontextualiseerd, kan eruitzien als cultuur.” — Resmaa Menakem

Trauma in een persoon kan eruitzien als persoonlijkheid. Wie als kind leerde dat de wereld onveilig is, kan zo vergroeid raken met de waakzaamheid die daaruit voortkwam, dat die ophoudt te voelen als een reactie op iets dat ooit gebeurd is. Ze voelt als “gewoon hoe ik ben”. De wond is onzichtbaar geworden, vermomd als karakter.

Trauma in een familie kan eruitzien als familietrekken. “Wij zijn nu eenmaal een gesloten familie.” “Bij ons thuis praten we niet over gevoelens.” “Onze familie heeft altijd hard moeten werken.” Wat eruitziet als traditie of temperament, kan juist de neerslag zijn van onverwerkte ervaringen: van oorlog, migratie, armoede en verlies, die van generatie op generatie worden doorgegeven.

Trauma in een volk kan eruitzien als cultuur. De collectieve wonden van kolonisatie, slavernij en oorlog sedimenteren in culturele normen, in wat “normaal” wordt geacht en in wat als vanzelfsprekend geldt. Wat eruitziet als de manier waarop wij dingen doen, kan de gestolde respons zijn op wat een volk heeft doorgemaakt.

Indachtig wat ik als therapeut van Menakem leerde, ben ik zo ook naar de economie gaan kijken: eeuwig nieuwsgierig naar de wond onder het aanhoudende gedrag.

En dan dient zich, in het verlengde van Menakems denken, onontkoombaar aan:

Trauma in een cultuur, over tijd gedecontextualiseerd, kan eruitzien als…

…een economie?

Karl Polanyi liet in The Great Transformation zien dat economisch handelen in vrijwel alle premoderne samenlevingen ingebed was in het geheel van sociale relaties: wat men verbouwde, maakte en verdeelde, werd gevormd door wat de gemeenschap goed achtte, vreesde en heilig hield. De economie was een spiegel van de samenleving.

De economie drukt nog steeds de fundamentele menselijke behoeften uit aan verbinding, erkenning, veiligheid en betekenis, maar vervormd.

De spiegel is er nog steeds. Ook onze huidige economie kaatst terug wie wij collectief zijn geworden. In de ogen van Menakem is de onverzadigbare honger naar groei mogelijk de collectieve expressie van een nooit vervulde behoefte aan veiligheid, genoeg en erkenning. De obsessie met controle en voorspelbaarheid kan de neerslag zijn van collectieve ervaringen van chaos en machteloosheid. De behandeling van mensen als middelen en natuur als materiaal zou zomaar de gestolde afweer kunnen zijn van een gemeenschap die normaliseert dat verbinding gevaarlijk is en kwetsbaarheid zwakte betekent.

De helende respons op decontextualisatie is recontextualisatie: het patroon terugplaatsen in het verhaal van zijn ontstaan, de pijn daarvan gezamenlijk doorvoelen en de vrijgekomen levenskracht oefenen in nieuwe praktijk.


Art: Shibboleth by @Doris Salcedo (2007, @Tate Modern) photo: Iwan Baan

https://www.tate.org.uk/art/artists/doris-salcedo-2695/doris-salcedo-shibboleth

Verder grasduinen?